UCOS vzw is in 1980 vanuit een vrijzinnige ideologie als onafhankelijke organisatie ontstaan in de marge van de Vrije Universiteit Brussel (krachtens de statuten die in 1980 in het Belgisch staatsblad zijn verschenen). In datzelfde jaar werd de NGO door het toenmalige ABOS erkend.
Vanaf het begin lag het accent op sensibilisering rond de complexe verhouding tussen ontwikkelings- en vredesproblematiek. In de beginjaren werd de organisatie door één personeelslid gedragen, bijgestaan door gewetensbezwaarden. Daarna spitste de werking zich toe op samenwerking met buitenlandse studenten. Vanaf 1993 vernieuwde de werking zich door een nieuwe ploeg bestuurders en de opbouw van een nieuw personeelsbestand (2,5 vte in 1997). Inhoudelijk werd de werking uitgediept richting gender, beeldvorming, multicultuur en het conceptualiseren van ontwikkeling. Op methodisch vlak werkten wij een strategie van netwerking uit, via zogenaamde werkgroepen met multiplikatoren. Dankzij de expliciete samenwerking met andere partners uit de civiele maatschappij (vrouwenbeweging, migrantenorganisaties, leerkrachten zedenleer) wonnen wij ook aan slagkracht. De doelgroepen werden in die periode scherper afgelijnd tot de universitaire gemeenschap en de vrijzinnige gemeenschap in Vlaanderen.
Op die basis vormde UCOS vanaf 1998 met Bevrijde Wereld, KWIA en Boliviacentrum Antwerpen het samenwerkingsverband SALTO. In eerste instantie zagen we dit als een technisch verband met inhoudelijke integratie op termijn. De verplichting die termijn in te korten, leidde tot onderlinge spanningen en het lukte niet om tot een coherent programma te komen. Na vijf jaar stond SALTO op dat vlak nog niet ver en UCOS besloot het samenwerkingsverband te verlaten. De SALTO-periode is desalniettemin een stimulans geweest om een werking rond duurzame ontwikkeling uit te bouwen, waarin de thema's rond gender en multicultuur verder werden uitgebouwd en de samenwerking met respectievelijk VODO, Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, gendergroep 11.11.11. en Commissie Vrouwen en Ontwikkeling werd versterkt. Een kleinschalige NGO met een specifieke eigenheid maar een grote openheid om te participeren aan grotere netwerken: zo brengt UCOS haar visie op samenwerking direct in de praktijk.
In de afgelopen vijf jaar is de samenwerking met de VUB en de Unie van Vrijzinnige Verenigingen (UVV) verder uitgeklaard. Met beide organisaties is een traject van (respectievelijk educatieve en morele) dienstverlening overeengekomen waardoor UCOS een grotere zelfstandigheid heeft verworven ten opzichte van DGOS. Inhoudelijk spitst UCOS zich toe op duurzame ontwikkeling, met aandacht voor gender en kleinschaligheid. De werking wordt gedragen door een kleine staf, ondersteund door vrijwilligers en bestuur.

